Aantekeningen


Stamboom:  

Treffers 1 tm 50 van 184

      1 2 3 4 Volgende»

   Aantekeningen   Verbonden met 
1 Andrieske is overleden, 92 jaar, op de boerderij van haar zoon Sytse in 'Het Leeg' in 1786. (bron: PBF: S. Nicolai Pzn.: Onze voorouders hun leven en tijd Deel II, blz. 3, 489.) Andrieske Andries
 
2 Ook in 1694 geboren maar geen naam. NN Andries
 
3 Kocht in 1647 het Asbroek van zijn vader Jan, vermeld in 1646-57 Jan ter Asbroeck
 
4 Woonde in Blankenburg huis nr. 176 in 1830. Berend ten Asbroek
 
5 Kleermaker en barbier in het hoedemakershuis aan het Kerkhof. Christiaan ten Asbroek
 
6 Woonde op de Blankenburgerstraat nr. 158. Christiaan ten Asbroek
 
7 Geertruida huwde na het overlijden van Arend Jan met zijn halfbroer Cornelis Geertruida ten Asbroek
 
8 Woonde t.t.v. huwelijk te Haaksbergen, daarna verhuisd naar Lonneker (20-11-1882) Gerharda Johanna ten Asbroek
 
9 Overleden door een val van een ladder. Kocht op 15 april 1807 de Wildeboerswoning, Eibergsestraat 58 voor f 110.-. Gerrit Jan ten Asbroek
 
10 Woonde eerst in het Hummelshuis, Eibergerstraat hoek Molenstraat, later Molenstraat nr. 83 (1845). Was lid van het markebestuur in Haaksbergen. Gradus Willem ten Asbroek
 
11 Kleermaker in Brevinkhuis aan de Molenstraat. Jan ten Asbroek
 
12 Woonde in de Wildeboerswoning. Jannes ten Asbroek
 
13 Tweelingzus is Hendrina. Wilhelmina ten Asbroek
 
14 Omgekomen door verdrinking. Willemina ten Asbroek
 
15 Door jong overlijden van haar man kwam zij in financi?ele moeilijkheden waardoor zij op 11 februari 1750 gedwongen werd haar huis te verkopen aan haar broer Hendrik Assink. Geertruid Assink
 
16 Pieter Atzes is in 1749 een gegoede boer te Drogeham, woonde circa 50 jaar op de kerkplaats naast de Skieppedrift tussen Lytsewei en Boskwei. (bron: Gen. Jierboek 2000, blz. 53) Pieter Atzes
 
17 Niet in doopboek Drogeham gevonden. Goytzen Atzonis
 
18 Was in 1825 eigenaar van De Bekke, Groothuizerweg 18. In 1830 woonde alleen zijn vrouw als weduwe. Hij was in 1825 ook eigenaar van een daarnaast gelegen huis dat later afgbroken is. In 1602 wordt het huis vermeld als Becke Willem. Arend ter Bekke
 
19 Woonde in 1748 te Langelo huis 17 met vrouw en 4 kinderen ouder dan 10 jaar en 2 kinderen onder 10 jaar. Inwonend was Berend ter Bekke en zijn vrouw Arend ter Bekke
 
20 De vermoedelijke vader van Derk of Theodori is Arend ter Bekke. De ooms en tantes van hem zijn getuigen bij de dopen van zijn kinderen. Woonde in 1795 te Buurse met 2 personen. Derk ter Bekke
 
21 Bij huwelijk van ouders erkend, in geboorteakte geslachtsnaam Gerritse. Dina van den Berg
 
22 Bij huwelijk van ouders erkend, in de geboorteakte is de geslachtsnaam Gerritse. Everarda van den Berg
 
23 In overlijdensakte genaamd: Hendrika Hendrik van den Berg
 
24 In het burgerboek van Amersfoort staat vermeld Johannes van den Berg uit Amsterdam op 24 juli 1741.

XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

Naam Jan van den Berg de jonge
Datum 26-07-1741
Ondersteund door ten laste van Johannes van den Berg, mr. schoenmaker en burger te Amersfoort
Ingekomen van Amsterdam
Bijzonderheden zoon van Johannes van den Berg; met zijn echtgenote Geertruijd ter Wee en hun kinderen Maria, oud 4?a jaar en Johannes, oud 2?a jaar


XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
Recordnr 7713

Naam Van Drakenburg, Elisabeth (verhuurder)

Echtgenoot (wed. van:) Van Ebbenhorst, Johannes (schepen en raad van Amersfoort)

Omschrijving Seekere bleyk met het getimmert daarop gelegen aan de Beek, genaamt Luyaert. (weder verhuurd aan: Willem van Weyde, gehuwd met Maria van Mispelaar, wonend op de beschreven bleyk) Getuigen: Johannes van den Bergh, meesterschoenmaker en Pieter van der Veen, borgers van Amersfoort.

Akten Verhuur: 21-03-1760 A. v. Brinckesteyn AT 039a002 rep 8


XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX


Datum 1772-06-22
Leningnemer Johannes van den Berg en zijn vrouw Geertrui Terweij
Leninggever Johannes Lagerwey en zijn vrouw Michilia Heuveling
Lening 275 caroligulden ?a 20 stuivers het stuk
Onderpand twee huisjes annex de ander, erf en grond in de Bredesteeg op de hoek van de Teut
Opmerkingen doorgehaald en geroyeerd op 14 augustus 1780


XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX
 
Johannes van den Berg
 
25 Word in huwelijksakte van zoon Berend, Wilhelmina Boenders genoemd. Maar bij andere kinderen ook Hermina Boeners, Bo?eners en Beune.
In de doopregisters van haar kinderen staat vermeld Wilhelmina ex Beckum. 
Wilhelmina Beuners
 
26 Recordnr 4137

Naam Van Goudoever, Anna

Overleden 04-03-1773, Amersfoort lw

Echtgenoot (wed. van:) Lentfrinck, Franciscus (raad in vroedschap van Amersfoort)

Overleden (2) (datum is niet vermeld), Amersfoort lw

Omschrijving Anna verkoopt (12-12-1757): seekere huijsinge, erve en grond, staande aan de Heerestraat over het Latijnsche school, belend borgermeester Temmink en de weduwe van Reijnier van Coeverden met de huysinge genaamd Hoff van Cleeff naast gehuyst en gelegen sijn. Koper: Jan Blok.

Akten Boedelscheiding: 24-07-1773 J. Both Hendriksen AT 046a001 rep 60 (gezamenlijke boedel); Testament: 14-02-1754 A. v. Brinckesteyn AT 039a001 rep 5; Verkoop: 23-12-1757 A. v. Brinckesteyn AT 039a002 rep 25

Opmerkingen M.b.t. testament (rep 5): Anna legateert aan haar twee dogters Anna en Maria Lentfrink, bij haar woonende, alle haare klederen alsmede de kleijnodien, alle inboedel en huysraad. Bij voor-overlijden van een dogter sal de langstlevende 't alleen behouden. Getuigen: Jan van Bemmel, Abraham van Bemmel Janssoon en Adam Binksteen, borgers van Amersfoort.
 
Adam Binksteen
 
27 Op 3 juli 1806 en op 31 augustus 1807 overleed een kraamkind van Antonia. Antonia Binksteen
 
28 Evertje had voor haar huwelijk een kind Jaantje, in het doopboek word geen vader genoemd. Op 26 november 1801 overleed een kraamkind van Evertje. Mogelijk ook op 20 oktober 1798. Evertje Binksteen
 
29 Naam Francis Binksteen
Datum 12-04-1779
Ondersteund door ten laste van het stadsbestuur van Amersfoort
Vertrokken naar Loosdrecht
Bijzonderheden met zijn echtgenote Elisabet Aris Verschuur en hun kinderen Petronel, oud 15 jaar, Johanna, oud 13 jaar, Henricus Jacobus, oud 9 jaar, Antonia, oud 5 jaar en Evertje Binksteen, oud 2 jaar
Boek Stadsarchief inv. nr. 1965
Folio 191

Bron: Eemland Archief 
Frans Binksteen
 
30 In het burgerboek wordt genoemd Leendert Binksteen, Luthers, op 16 maart 1722. Johannes Binksteen
 
31 Woonde in 1814 achter de Vieux recollets, Maastricht. Johannes Martinus Blaise
 
32 Woonde in 1814 in Maastricht. Johannes Martinus Blaise
 
33 Overleden in de Abtstraat 2113, woonde toen in de Begijnestraat. Judith Blaise
 
34 Woonde in 1844 iin Maastricht. Ogier Blaise
 
35 If you find a link, please contact me at vanderwal@telus.net Eisse Tjerks Boonstra
 
36 Ook als Brinkhuis geschreven. In Bevolkingsregister 1860-1870 staat als geboortejaar 1779, bij overlijden was zij 88 jaar. Joanna Brinkhuijs
 
37 Overleden bij huwelijk van dochter. Derck Bult
 
38 (Research):http://hans.is-s.info/genweb/home.html Hendrina ten Cate
 
39 DORLAND VAN NIJENRODE (Breukelen) door Ds EVERT VAN ALPHEN Az.

Aangezien ik in mijn kwartierstaten tweemaal afstam van het geslacht Dorlant, zo is het vanzelfsprekend dat ik ook mijn verschuldigde aandacht heb voor dit geslacht; vooral door een tweevoudige afstamming.
Toen ik nog niets wist van deze stamverwantschap, kwam ik al eens in aanraking met deze geslachtsnaam. Dit was echter niet in Nederland, doch in Engeland. Gedurende ik daar op school was, had ik daar een lerares in klassiek engels, en ook zij heette Miss Dorland. Een naam die in de engelse taal wel op zijn plaats is. Of ze van nederlandse afkomst was, wist ?o?ok haar vader niet. Toen ik dan in mijn kwartierstaten tweemaal met dit geslacht te doen kreeg, dacht ik daar onmiddellijk aan terug. Zou het een engelse naam zijn? Klonk wel een ietwat engels; inderdaad. Doch nu weet ik na een nauwkeurig en tijdnemend onderzoek, dat we hier met een z?e?er oude echt vaderlandse naam te doen hebben. Dit geslacht kan wat ouderdom betreft, welhaast met koningen en vorsten wedijveren. Het was voor mij een dankbaar object, daar ik het genoegen mocht smaken tot aan de eerste naamdrager toe te komen; dus tot de stamvader van dit geslacht. Doch het is mij maar niet zo aan komen waaien. Het heeft verschillende fietstochten vereist naar verschillende kerken om daar terplaatse de oudere doop- en trouwboeken te raadplegen. Ik bezocht Vreeland en mag vertellen dat ik daar van Ds. Smallebrugge de meeste medewerking ondervond, ja er zelfs nog te gast was. Ook te Loenen was de Kerkvoogd, de heer Lokhorst z?e?er welwillend en behulpzaam in dezen; en ook te Breukelen was het de Kerkvoogd de heer Takken, die mij tweemaal het geduld opbracht om de doop- en trouwboeken voor de dag te halen. En dan vooral niet te vergeten de ambtenaren van het Rijksarchief te Utrecht, die telkens weer zonder ook maar ?e?en verwensing te uiten, mij de boeken brachten voor mijn onderzoek nodig; en mij geduldig hielpen als sommig oud schrift mij niet duidelijk was. Ik dank hen hier, omdat het niet juist zou zijn met veren te gaan pronken waarvan ook een deel een ander toekomt. En hoe vindt men de gezochte namen in de oudere geschriften, daar men niet eens weet of die namen daarin wel genoemd worden. Dit vereist slechts zoeken en zoeken ?en nog eens zoeken, tot men het vindt.
Vooruitlopend wil ik u mededelen, dat de stamvader van het hier behandelde geslacht Dorlant, genaamd was:

Gijsbrecht Dorland van Nijenrode, Bastaard. Hoe ik daar aan k?om zal verder blijken. Doch eerst het fragment uit mijn kwartierstaten.
Tennis Rutte de Geus, ged. 7 april 1709 te Ankeveen. Sterft in december 1744 in 's Lands Dienst aan boord van een oorlogsschip in het Kanaal. Ondertr. te Ankeveen als j.m. wonende te Ankeveen op 12 febr. 1733 en tr. te Oud-Loosdrecht 8 maart 1733 met Neeltje Teunis Dorland, j.d. van Oud- Loosdrecht, ged. te Oud-Loosdrecht op 6 Meij 1708 als dochter van Teunis Vreeken Dorlant en Aartje Hendriks.
Teunis Vreecken Dorlant, geh. als j.m. van Oud-Loosdrecht op 31 Meij 1698 met Eert je Jacobs. Hij was meermalen getrouwd en zijn doop kon niet gevonden worden te Oud-Loosdrecht.
Opmerking: Teunis Vreecken Dorlant had te Oud-Loosdrecht twee broers, n.l. Dirk Vreeks Dorland, geh. te Oud-Loosdrecht 13 maart 1712 met Annetje Jans Hagen (een familie waar ik ook van afstam) en Vreek Vreeks Dorland, tr. te Oud-Loosdrecht 19 april 1711 met Sytje Pieters Backer. Het eerste kind van Teunis Vreecken Dorlant heette Jacob en werd gedoopt op 25-7-1700 met als moeder Aartje Hendriks. Of deze laatste dus reeds zijn tweede vrouw was? Of een verschrijving van naam? Op 3 aug. 1728 trouwt te Oud-Loosdrecht Teunis Vreeken Dorland, laatst wedr. van Ujsbeth Jans, met Geert je Willems, att. Kortenhoef.

Vreeck Dorlant, ged. 21 Meij 1648 te Vreeland, als zoon van Dirck Aerts Dorlant en Grietje Bruijns. Hij huwt te Vreeland (na ondertrouw te Baambrugge) op 14 febr. 1675, als wedr. van Roosje Eibers van Baambrugge, met Marrigje Tonis, wed. van Aart Arents van Vreeland.
Opmerking: Het is eigenaardig dat de reeds genoemde Teunis Vreecken Dorland, ook een zoon had die Arent heette. En wij zien hier wel duidelijk uitkomen dat gen. Teunis naar zijn grootvader Tonis, heette. En Vreek Dorlant had dus drie zonen, n.l. Dirk, genoemd naar zijn vader, dan Teunis, genoemd naar zijn vrouws vader en nog Vreek, waarschijnlijk genoemd naar hemzelf.

Dirck Aerts Dorlant, gehuwd te Vreeland op 29 Junij 1638 als jongezel van Vrelant, met Grietje Bruijns, wed. van Dirck Jans Scholle, mede van Vrelant.

Aert Dorlant, geb. omstreeks 1585 ?

Tot hiertoe de aan ?e?en gesloten gegevens uit de doop- en trouwboeken van Oud-Loosdrecht en Vreeland (het dorp met stadsrechten). Waarna hier eerst nog wat losse gegevens volgen, die nog iets laten zien van het geslacht Dorlant en deszelfs verbreiding rondom Breukelen.
In de Kortenhoefse Protocollen komt voor Jan Gerrits Dorlant, die part van een erfenis moet uitbetalen - van wijlen Wouter Gerrits Dorlant, groot 360 gulden (drie honderd zestig) uit wille van hun beijder Moeder Annetje Dirks; daterende uit de jaren 1636-37.

Getr. 10-10-1739 Dirk Bruijns Dorland, j,m. van Vreel?and, wonende te Kortenhoef, met Jannetje Gerrits Steegenhoek j.d. van Noordwijk-binnen. Ondertr. te Kortenhoef; trouwt te Noordwijk (hij was een kleinzoon van Dirks Aarts Dorlant, t.w. van diens zoon Bruijn).

Uit de Begraafboeken van Vreeland:
no. 12. Dit graf wordt getransporteerd aan Dirck Aarts Dorlant. 20 Juni 1656.

Wij gaan nu van Vreeland naar Loenen en zijn dan nog maar 4 K.M. van Breukelen - so ever nearer home.
Ged. 30-12-1612 te Loenen, Dirck, V. Jan Dircks Dorlant, M. Annetje Hendricks.

Uit de Protocollen van Loenen:
Johan Martens Dorlant, als man en voogt van Marritje Gojertsdr. Juli 1627.
Johan Martens Dorlant Nov. 1630.
Johan Jans Dorlant, en Magdalena Jans Dorlant sijn suster geassisteerd met Johan Martens Dorlant en Marrigje Goijertsdr, Egtelieden, hunlieder Vader en Moeder. Januari 1631.
Govert Jans Dorlant, boedelhouder van Elizabeth Goijertsdr sijn overleden huijsvrouw 1634. Jan Jans Dorlant, wonende tot Loenen, 1642. In prot. van Loenersloot Cornelis Jans Dorlant, Schepen in 't Gerecht van Loenersloot van 1649-1668; in 1643 Substituut Schout; 28-2-1647 Luitenant-Schout.
Cornelis Jans Dorlant, als man en voogt voor sijn Vrouw Maria Gijssen Meij 1658.
Getr. 26 Jan. 1668, Jan Cornelis Dorlant, j.m. van Loenersloot met Marritje Cornelis j.d. onder 't gerecht van Abcoude.
Getr. Jan Cornelis Dorlant, Wedr. van Marritje Cornelis, met Stijntje Cornelis, 3 Maart 1674.

En zo zijn we dan eindelijk in Breukelen aangekomen.
In Breukelen trouwt in Meij 1692, Willem Everden Dorlant, j.m. van Cortenhoef.
30 Junij 1689 trouwt te Breukelen Lubbertus Cornelis Dorlant met Hendrikje Goossen Kaen. Omstreeks dezelfde tijd trouwt zijn broer Hendrik met Annetje Pietersz. van Loenen.
Dan trouwden er nog te Loosdrecht (Oud) 1-4-1709 Aaltje Cornelis Dorlant j.d. met Willem Jans van Loenen. 3 Meij 1710 Stijntje Cornelis Dorlant met Hendrik Smit.
Van deze beiden vrouwen kon ik de doop in Oud-Loosdrecht niet vinden, hoewel zij vermeld stonden als wonende in Oud-Loosdrecht.
Of Jan en Hendrik Dorlant, uit Breukelen, broers waren van v.n. vrouwen, kon ik niet nagaan.

Als we nu de Protocollen van notaris van der Horst te Breukelen ter hand nemen, dan vinden wij een verkoopsacte van Lubbertus Dorland aan Jan Dorlant (zijn zoon) van een vragt- of veerschuit
met al zijn toebehoren - item Koetswagen - drie paarden met tuigen en tomen - een arreslee en
't hooi op zolder; alles voor f 500. - 9-7-1722. getekend: Lubbertus Dorland. I jan Dorlant.
Verder op 7 Januari 1723 - Lubbertus Cornelis Dorlant, Wedr. verkoopt de Leenweer van een huijsinge en erve staande tot Breukelen in de Clapstraat van de oostzijde van deze straat tot aan de Vecht, zijnde een Leengoed van den Huijze Nijenrode - te verheergewaden met een halve stoop goede rode boter.
Hier zijn we reeds in 1722-23 aangekomen bij het feit dat we een Dorlant zien als Leenman van het Huijs Nijenrode. Wel, het Huijs Nijenrode had v?e?el meer Leenmannen, dus dit zegt omtrent de afstamming van de Dorlants van Nijenrode op zichzelf nog niets. Maar we komen er.
Wij blijven in Breukelen, doch alleen 250 jaren vroeger. Daar komen we in aanraking met het zelfde geslacht en wij komen dan in dezelfde Clapstraat. Doch om hier te komen en met de vroegste Dorlants in aanraking te geraken moeten we de Leenregisters van het Kasteel Nijenrode opslaan. Dit Leenregister bestaat uit 7 delen en bovendien is er nog de zgn. Oude Index. In het le deel lezen we dat:
Ghijsbert van Nijenrode een huis aan de Clapstraat beleend aan Geertruijt Gijsbert Dorlant's- dochter, te verheergewaden als 't versterft met een stoppe goede rode botter, met de bijgevoegde bepaling, dat als zij geen kinderen heeft, het Leen komt aan Dirck Ghijsbertfs Dorlant haar broeder. Het werd aangeduid als een onsterfelijk Leen op datum Allerheiligenavond 1474.
Daaronder wordt genoemd, Jan Ghijsberts Dorlant,. als Leenman in Ter Aa, van een dijk met noten beplant. Hem wordt een goet verleend op Allerheiligenavond 1464.
Dan las ik nog in: "Berichten van het Historisch gen. te Utrecht", deel IV - Kemink en zn., 1851, gen. bldz. 23, als voetnoot no. 3 - Tijdschrift van Utrecht", 1838, bldz. 30 - "Een Willem Duerlant komt voor in 1420.. Hij was geland aan den Broek- of Breukeldijk en zegelde met een balk, waarboven een baarstel met 3 hangers. L. Opstraet van -der Moelen. MS."- Hier komt dus duidelijk naar voren wat voor Wapen het geslacht Dorlant draagt, al of niet gevoerd. Het is het wapen dat de eerste Heren van Nijenrode voerden in navolging van de Heren van Ruwiel, wier Blazoen het was en van wie de Heren van Nijenrode afstamden. Het wapen van Dorlant is dus in goud een rode dwarsbalk waarboven een blauwe barensteel met drie hangers. Ook werd er door de Nijenrodes wel een
barensteel met 5 hangers gebruikt, doch ?o?ok wel drie.
Uit het bovenstaande zien wij duidelijk drie broers en ?e?en zuster, t.w. Willem, Jan, Dirk en Geertruijt; waarvan Geertruijt Dorlant werd beleend met het huis aan de Clapstraat, dat 250 jaren later verkocht werd door
Lubbertus Cornelis Dorlant voor f 900, - aan de dames Melchers. Dus de Dorlant's bezaten het huis in Leen van 's avonds 31 October 1474 tot 7 Januari 1723, dus 250 jaren.
Maar wie vallen hier nu tussen? Wij lezen in de Oude Index, blz. 36: De Hofstede aan de Clapstraat, strekkende van de Clapstraat tot aan de Vecht. Te verheergewaden met een goede stoppe goede rode botter.
N.B. Hier is een splitsing geschied 20 Febr. 1623.
Dan volgen de namen die het huis in Leen hadden.
Aert Hendriks inplaetse van Hendrick Aerts sijn Vader. 13 Febr. 1559. Vertigt Jan Gerrits sijn swager, 24 Febr. 1577.
Luijt Aerts nae doode van Aert voorsegd sijn Vader, 10-2-1610.
Aert Luijtensz door opdracht van de weduwe en erfgenamen van Luijt Aert, 22 Maart 1643. (Hendrik Aerts door opdracht van Luijt Aerts. 30 Febr. 1623).
Wij hebben reeds gezien dat ik in de Doop- en Trouwboeken van Vreeland kwam tot het huwelijk in 1638 van Dirk Aerts Dorlant. Er was dus omstreeks die tijd een Aert Dorlant.
Juist zagen wij, dat in 1643 het huis aan de Clapstraat werd opgedragen door de Weduwe van Luijt Aerts, aan Aert Luijtens.
In 1474 werd het Huis aan de Clapstraat beleend aan Geertruijt Dorlant, te verherengewaden met een goede stoppe rode botter. En ook in 1559 luidde het: te verheergewaden met een goede stoppe rode botter.
Doch in 1723 lezen wij dat Lubbert Cornelis Dorlant zijn Leenweer aan de Clapstraat verkocht met
de bepaling: te verheergewaden met een halve stoop goede rode boter. Hoe komt dat verschil?
Wel, lazen wij hierboven niet dat het leen op 20 Febr. 1623 gesplitst was. Nu komt de gewichtige vraag: wie was die Ghijsbert Dorlant, de Vader van Willem, Jan, Dirk en Geertruijt?
Deze was een Bastaartzoon van Gijsbrecht Gerards van Nijenrode. Deze hoogedele Heer van Nijenrode had liefst maar vijf ons bekende bastaarden en had er wellicht meer. Maar de vijf die wij kennen zijn genaamd, I. Ghijsbrecht van Nijenrode, genaamd Dorlant; II Nicolaas van Tornout; III Splinter van Nijenrode, gesneuveld te Gorinchem 1417; IV. Hendrick van Nijenrode en V. Jan van Nijenrode, Schout van Amsterdam 1421; Dus allemaal halve broertjes van onze Ghijsbrecht Dorlant. Wat een familie! Waar ik al niet van afstam.
In deel 1 van de Leenregisters van Nijenrode las ik dat Ghijsbrecht van Nijenrode in een Leen verleijt en verleend een hofstede in Niemantvrient bij Sliedrecht aan Splinter van Zijll (Oomzegger van Gijsbrecht Dorlant) mine neve bij bekentenis van Jan van Nijenrode ()ohan) mine brueder en hij noemt dan verder Ghijsbrecht Dorlant Bastert van Nijenrode mine Oem (Oom). Ao 1455.
In verband met dit Leen ontstond een proces tussen Ghijsbrecht Dorlant en het Huis Nijenrode. Hier volgen dan de stukken die dit proces verduidelijken en ook zien we dan de rechts-zitting beschreven van de Leenheer en de Leenmannen aan de brug van het Kasteel Nijenrode op 22 dec. 1451 ; en hoe Ghijsbrecht Dorlant prompt verstek liet gaan. Hij kreeg ongelijk.

VONNIS DER LEENMANNEN VAN NIJENRODE TEGEN GIJSBERT DORLANT Bastaard van Nijenrode '

22 Dec. 1451
Overgenomen uit: Proeve eener Geschiedenis van het Geslacht Van Nijenrode.
Uit oorspronkelijke stukken bewerkt door J. J. De Geer. Bldz. 94-96.

Alle den qhenen. die desen brief zeilen sien of horen lesen, doen wii verstaen. Johan Zweders zoon van Ruweel. Willam Jans zoen van Loenresloet, Claes Jans zoen, Henric Krooc Aelbert z Ghiisbert Spiker Henrics z, Jan Gherijt zoen, Jan Ghiisbert z, Peter Ghiisbert zoen, Herman Dircz, Dirc Ghijsbert zoen, Willam Jan Willams zoens zoen, Ghijsbert Dudecoeps z, Wil lam Sluter ende Aelbert Peters zoen, dat wij daer ouer ende aen alse leenmanne Johans van Nijenrode mit meer goeder manne voirder brugghen toe Nijenrode te rechte gheseten hebben, daer Johan van Nijenrode voirs, selue als een leenheer besproken heeft alle die goede, die Ghijsbert Dorlant Bastaert van Nijenrode, sinen Dem, tot desen daghe toe datum des briefs van hem ende van den houe toe Nijenrode voirs, te lene houden plach ende ghelegen siin toe Niemants vrient, alse besprekende den voirs Ghijsbert Dorlant jn siinre dingtael, dat hij alle dese voirs goede verswmt (verzuimd) ende verbuert hadde., ende claerliken aen heem ende te houe ghecoemen waren, vermidts dat Ghijsbert Dorlant voirs wt dese voirghenoemde leengoede eygendoemen ouer ghegenan (gegeven) ende vercoft hadde buten consente ofte toedoen des leenheren, dat bewiisselick ende openbaerlick ghesciet waer, mit meer woerden in siinne aenspraec begrepen; van welken bespreck Ghiisbert Dorlant voirs alle sijn weten volcoemelick ghehadt heuet, ghelikerwijs die leenmanne voirs hem die mit recht ende mit oerdel toe wiisden, ende oeck die leenmanne ende den recht kenliken was, dat die weten van weerde ende myt recht ghedaen waren: also dat Johan van Nijenrode voirs, veruolghende sijn saken, den voirs Ghiisbert Dorlant sijn Gem, by vonnise der leenmannen mit volre claghen ende op gheachten dag hen vanden vairseiden goden vellich ghewonnen heeft, want hij noch nyemant van siinre wegen tot gheenre tijt aenden rechte, om die voirs sake te verantwoerden ende voirs, goede te bescudden, ghecoemen en is. Mede so bekennen wij, alse leenman ne voirs in desen seJuen brieue ende tughen, dat Ghiisbert Dorlant voirs. siin drie weerdaghe, dat is te verstaen siin drie dwarsnachten, toe ghewiist was, om noch die voirs. goede te verantwoerden, of hij aenden wart ghecoemen hadde, des hij noch niemant van siinre weghen vair noch na ghedaen en heeft, mer tot alle rechtdaghen bacwerdich ghebleuen is. 50 hebben die leenmannen den voirs Johan van Nijenrode, na eisschen ende wtspreken siinre dingtael, dese voirseide goede, also alse ghelegen siin ende hier voirs. staet, vrij ende los mit recht ende mit oerdel toe ghewesen, ende den vairseiden Ghiisbert Dorlant claerliken gheheel ende al of ghewesen, sonder enig verhal, recht of toeseghen voirt meer ten ewighen dag hen daer aen te hebben in eniger wijs. Ende om dat dit waer is, 50 hebben wy Johan Zweders z van Ruweel, Wil lam Jansz van Loenresloet, Claes Jans z ende Gherijt van Vliet Wernaers z. alse leenminne voirs., onse zegelen aen desen brief ghehangen over ons seluen ende mede ouer dese mannen voirs. om hore alre bede wille. Ende want wij Gherijt Jans z, Henric Krooc Aelbertsz, Ghijsbert Spiker Henrics, Jan Gherijtsz. Jan Ghijsbertsz Peter Ghijsbertsz, Hermans dircsz, Dirc Ghijsbertsz, Wil lam Jan Willams loens zoen, Ghijsberts Oudencoeps zoen, Willam Sluter ende Aelbert Peters. alse leenmannen voirs., op dese tijt selue gheen zegelen en hebben, so tughen ende kennen wij mede onder hoerder eiere zegelen voernoemt ende hebben hem ghebeden desen brief mede ouer ons te besegelen met horen zegelen. Ghegeuen int jaer ons Heren dusent vierhondert een ende viiftich des woensdag hes na sinte Thomas lach.
Nog voorzien met de zegelen van Johan Zwedersz van Ruweel, Nicolaes Jansz. en Gerrit van Vliet Wernaarsz. in groen was.

9 Maart 1452. Compromis in de voormelde zaak tusschen Jan van Nijenrode, den ouden, Jan van Nijenrode den jongen, Vader en zoon, en Splinter van Zijl, ter eener, en Gijsbert, Bastaard van Nijenrode, alias Dorlant, ter andere zijde, uitgesproken door Gijsbrecht, broeder van Brederode, Domproost van Utrecht, en Nicolaas die Vriese, rentmeester generaal van Holland, als raden van den hertog Van Bourgondie (afschrift).

23 April 1452. Verklaring der leenmannen van Nijenrode, dat Splinter van Zijl zijnen oom Gijsbert Dorlant, bastaard van Nijenrode, andermaal in regten vervolgd en zijn geding volkomen heeft gewonnen, betreffende drie en een half morgen lands gelegen te Niemantsvriend en leenroerig aan de hofstede van Nijenrode, welke door Gijsbert Dorlant verbeurd waren en waarmede Johan van Nijenrode vervolgens zijn Neef Splinter van Zijl had beleend. Met de zegelen van Willem Jans van Loendersloot en Nicolaas Jans in groen was.

21 Aug. 1454. Gijsbrecht van Nijenrode van Amerongen en Splinter van Nijenrode, gebroeders, verklaren geen eigendom te hebben aan goederen te Niemandsvriend in het kerspel van Sliedrecht gelegen, welke de ridder Gijsbrecht van Nijenrode, hun oude vader (grootvader) gekocht en aan zijn bastaarden had gegeven, om van hem en zijn nakomelingen in leen gehouden te worden; zodat de eigendom daarvan altijd is overgegaan op den oudsten broeder van Nijenrode alleen en op niemand anders (afschrift).

21 Jan. 1451. Floris Jansz, Schout te Slijdrecht, bekent, dat hij 5 morgen lans, gelegen te Niemantsvriend, in het kerspel van Slijdregt, van Gijsbert Dorlant, Bastaard van Nijenrode, gekocht en den eigendom daarvan voor den dijkgraaf en de heemraden van den Alblasserwaard heeft ontvangen (afschrift).

1450 (1451) Febr. 24. Sententie van het Hof van Holland in een geding tusschen Gijsbrecht bastaard van Nijenrode, alias Dorlant, klager, en Jan van Nijenrode met Splinter van Zijl, verweerders, betreffende enige goederen, gelegen in de Alblasserwaard, onder het kerspel van Slijdrecht, en door Gijsbrecht Dorlant van de hofstede van Nijenrode in leen gehouden, en omtrent 200 Wilh. schilden daarop gewonnen. Uitgesproken in den Haag door den Heer van Lanoy, stedehoudergeneraal, Gijsbrecht broeder van Brederode, Domproost van Utrecht, Gerrit van Zijl, Mr Hendrik Uten Hove, Mr Lodewijk van der Eyck en Nicolaas die Vriese, rentmeester Generaal van Holland (afschrift).

22 Sept. 1454. Gijsbrecht van Nijenrode zegelt in rood was met een Balk zonder barensteel.

21 Jan. 1451. Gijsbert Dorlant, Oom van Philips Nicolaasz. v. Tornout.

En hier volgt dan de oudste stamreeks van het Geslacht Dorlant. Overgenomen uit: "Berichten van, het Historisch Genootschap te Utrecht IV", Kemink en zoon 1851 - In "Proeve eener Geschiedenis van het Geslacht Nijenrode" van J.J. De Geer.
Splinter van Ruwiel 1298. Gerrit (Gerard) Splinter van Ruwiel, Schildknaap, Heer van Nijenrode (Nienrode ofte Rienruel) zie Booth. Trouwt Maria Persijn, genaamd van Velsen en sterft omstreeks 1357.
Ghijsbrecht van Nijenrode, een Ridder, Heer van Nijenrode, Velzen, Poel, enz. Baljuw van Kennemerland en Friesland, Maarschalk van Eemland. Trouwt eerst naar het schijnt met Belia van Leijenburg en daarna met een dochter van Otto van der Poel. Sterft tussen den 3e Aug. en de 3e Nov. 1396.
Ghijsbrecht van Nijenrode, genaamd Dorlant - bastaard. Beleend op St Elisabethsdagh 1391 te Langerac met een halve hoeve (8 morgen) lands. Door zijn Vader gegoed te Niemantsvrient bij Sliedrecht. Omstreeks Paschen 1419 in dienst van Jan van Egmond, Raad van Hertog Jan van Beijeren, overviel en beroofde hij enige burgers van Utrecht op de Lek en nam hen gevangen.

Zoals we zagen, was zijn zoon Willem geland aan de Broekdijk te Breukelen. Deze Broekdijk
bestaat nu nog en is een haast onbewoonde doodlopende weg tot pal achter het Huis Nijenrode. Het kasteel Ruwiel lag aan de Angstel of de Aa ; er is nog het eilandje van over waarop een oud kippenhok staat van hout met kapotte ruiten, figuurlijk spottend met de vergane glorie van het Huis Ruwiel. Er staat nog een oude boerderij bij met een steen in de gevel van het jaar 1591.
Het prachtige kasteel Nijenrode van nu in 1959, is niet het kasteel Nijenrode van weleer. Er is geschiedenis genoeg van te lezen, dus daar ga ik hier niet op in.
Ook de Genealogie Booth vertelt nog al het ?e?en en ander over dit geslacht en in de Leenregisters heeft de Heer Van Heus van Nijenrode losse stukken ingelegd, waarin hij nog latere gegevens toevoegt.
Waar is het alles gebleven? Waar is het eens zo bekende Geslacht Van Nijenrode ? Wie nog voert in lijnrechte afstamming hun nu nog welbekende naam. Doch de naam Dorlant is gebleven en d?at niet alleen, doch vele leden van dit Geslacht zijn nu nog in leven. In Loosdrecht en in het Gooi kunt u ze vinden; zij hebben het recht het Blazoen van Ruwiel of het gekwarteleerde Blazoen van Nijenrode (Ruwiel en Persijn) zij het dan met barensteel of bastaardbalk te voeren. Want zij stammen in rechte lijn af van de Heren van Nijenrode.
Utrecht. mei 1959.













I. DORLANT

1. Jan Dorlant, geb. omstreeks 1500; waarschijnlijk de kleinzoon van Jan Gijsbrechts Dorlant (zie Gens Nostra, juli 1959, blz. 181).

2. Jan Jans Dorlant, met zijn vrouw Christina, Schepen van Kortenhoef 1577, Substituut-Schout jan. 1577, Schout van Cortenhoeff juli 1579. Hij tekent zijn handtekening als Jan Jans Dorlant of Jan Jans. In een turfslagboek genoemd in 1594. Maakt zijn testament als Jan Jans Zoen Dorrelant, ziek op zijn bedde maar sijn memorie ende verstand wel kunnende gebruiken. Zijn huijsvrouw wordt alleen Christina genoemd. 27 Dec. 1595.

3. Gerrit Janssoon Dorlant, voor het eerst genoemd in 1618 en verder tot 1635, gehuwd met Annitjen Dircxdochter. Zij wordt genoemd in 1635. Hij was in 1632 Schepen van Cortenhoeff. Hij overleed v?o?or 1636, daar dan zijn vrouw weduwe wordt genoemd. Hjj had verschillende zoons, t.w. Jan Gerrits Dorlant, waarschijnlijk vertrokken van Amsterdam naar Amerika; hij wordt in de oude boeken genoemd van 1631-1642 en dan ziet men over hem niets meer. Cornelis Gerrits Dorlant, nog onmondig in 1636. Wouter Gerrits Dorlant; Dirck Gerrits Dorlant; Gerrit Jans Dorlant had nog een broer Maarten Jans Dorlant, meermalen vermeld; hij was herbergier te Cortenhoeff en in 19 april 1657 wordt hij als impotent vermeld, daarbij genoemd zijn vrouw Maria Gerrits. (Zie verder hierna bij de uitvoeriger gegevens.)

4. Wouter Gerrits Dorlant, Gheertijen Jansdochter wordt vermeld in de Protocollen van Kortenhoef op 5 december 1643; genoemd in 1630, 1632, 1634, 1635, 1636, 1638, 1640, 1641 en 1642. In 1643 wordt zijn v.n. vrouw als zijn weduwe vermeld. Ook hij baggerde turf.

5. Gerrit Wouters Dorlant, gehuwd met Jantje Isaacs Streefkerck; hij zal waarschijnlijk de oudste zoon zijn geweest, dus moet hij ettelijke jaren voor 1642 geboren zijn. In Boek L. 17 "Nominatien van Regenten", dat zich bevindt ten Gemeentehuize van Kortenhoef, wordt hij .in mei 1693 als Schepen genoemd. (Zie verder hierna vermelde uitvoeriger gegevens).

6. Abraham Gerrits Dorlant, gehuwd met Marritje Abrahams Cool; op 1 februari 1697 (oude stijl) wordt zijn huwelijksvoorwaarde beschreven door notaris Elbert Mooij te Kortenhoef. Zijn moeder Jantje Isaacs Streefkerck assisteert hem hierbij. In de Kortenhoefse Protocollen wordt hij nog vermeld in 1733; ook in het Kortenhoefse Bandingsrecht Ao 1709 en 1716. In 1705 op de "Lijst van Backers en Ingezetenen horende onder de Cortenhoefse Molen"; Boek L. "In het cohier van Haardstedengeld" in 1701 genoemd als bezittende 2 Haardsteden (huizen). Hij had waarschijnlijk een zoon Abraham, die te 's-Graveland voorkomt in 1729 en verder, als getrouwd met Lijstbeth Laurens Edema van Hilversum.

7. Annetje Abrahams Dorlant, gehuwd met Pieter Johannes Bieris; laatst gen. 26-9-1731 bij de doop van hun laatste kind Marritje. Hun dochter Leent je huwde op 24-4-1740 te Kortenhoef met Willem Ansuns Hagen.

Tot zover de Kortenhoefse tak van het geslacht Dorlant, waarover ik van het geslacht Hagen afstam.

Wanneer wij lezen het artikel "Dorland van Nijenrode" van juli-aug. 1959, dan zien we daar
vermeld: Neeltje Teunis Dorlant, ged. 6 Meij 1708 te Oud-Loosdrecht. Deze datum is de geboorte of doopdatum van een jong overleden Neeltje; de door mij bedoelde Neeltje werd ged. 6 oktober 1709 te Oud-Loosdrecht, als dr. van Teunis Vreeken Dorlant en Aartje (Eert je) Jacobs. Dat deze laatste een paar maal Aartje Hendriks wordt genoemd, is dus bepaald een vergissing. (Zie blz. 179 boven, GensNostra, juli-aug. 1959).
Vanaf 1686 tot 1692 wordt Frederick Dirkcs Dorlant (de vader van Teunis Vrecken Dorlant) te Kortenhoef genoemd. Op 24 april 1687 als brandmeester. Geen wonder, dat de doop van hem en zijn heide broers niet te Loosdrecht is te vinden en ook te Vreeland, waar hun moeder vandaan kwam, is hun doop niet te vinden; zij moeten dus te Kortenhoef gedoopt zijn, waar hun ouders woonden, wie weet hoe dicht bij Vreeland (blz. 178-179 Gens Nostra, juli-aug., no. 1959). Dus zijn Freek, Dirk en Teunis Vrecken Dorlant zo goed als zeker gedoopt te Kortenhoef.
En nu nog tot slot enkele losse gegevens uit de boeken van het gemeentearchief te Kortenhoef.
De zojuist genoemde Frederick Dircks Dorlant, werd gedoopt te Vreland op 21 Meij 1648 als zn. van Dirck Aerts Dorlant en Grietje Bruijns. laatstgen. was verschillende jaren Schepen van de Stad Vrelant; hij laat zijn merk steeds onder de stukken voorkomen, o.a. in 1648-1650. Zijn merk was een verticale streep, vergezeld, heraldisch links boven, van een andrieskruisje. Zijn 2e huwelijk wordt vermeld te Baambrugge zowel als in Vrelant, t.w.: Frederick Dircks, wedr. van Roosje Eibers, wonende te Baambrugge, met Merrigje Tonis, wed. van Aert Arents, wonende tot Vreland 14 Febr. 1675. Wij zien dus dat mijn voorvader Teunis Frecken Dorlant, genoemd is naar zijn grootvader van moederszijde en Dirck Frecken Dorlant naar zijn grootvader Dirck Aerts Dorland. Dat voorn. Frederick Dircks, dezelfde is als Frederick Dircks Dorlant, komt uit in een plegt van 1 Mei 1676 in de Protocollen van Vrelant, waarin worden genoemd: Vredrick Dircks Dorlant en Merritje Tonis, egteluijden. Ook komt hij nog voor in een Bandingsrechtboek van Kortenhoef op 9 Nov. 1691. In Vreland worden de doopaangiften van hun kinderen niet gevonden en ook niet in Loosdrecht, in welke laatste plaats de huwelijken voorkomen van Teunjs Vrecken Dorlant en Eert je Jacobs op 22 juni 1698. Deze Teunis Dorlant werd begraven te Oud Loosdrecht in graf no. 10 in 1752 en zijn zoon Arent Dorland op 30 april 1774 in graf no. 5.
Dan nog het huwelijk van Dirk Vreeks Dorlant, tr. te Oud Loosdrecht op 13 maart 1712 met Annetje Jans Hagen. Zijn broer Vreek Vreeks Dorland, j.m. tr. Oud Loosdrecht op 19 april 1711 met Sijtje Pieters Backer, beijde alhier. Hun vader huwde voor de 2e maal met Lijsbeth Jans, uit Korten hoef en voor de 3e maal als wedr. van gen. Lijsbeth Jans op 3 aug. 1728 met Geertje Willems, attestatie van Kortenhoef. '.
Teunis Vrecken Dorlant was niet onbekend te Kortenhoef en geen wonder, want hij en zijn genoemde broeders en hun zuster Grietje Dorland moeten te Kortenhoef geboren zijn, daar hun ouders daar gevestigd waren, wat uit alles nu duidelijk is.
Wij zien dus hier, hoe een geslacht zich verplaatsen kan van de ene plaats naar de andere. De Loosdrechtse Dorlands zijn dus over Kortenhoef van Vreeland gekomen. Hun stamvader Dirck Aerts Dorland had een eigen graf in de kerk te Vreeland, t.W. no. 12, gedateerd in het Kerkgrafboek 20 juni 1656.
Uit Boek L. 135 "Rekening van Sluijs en Bruggelden":
op 28 April 1631 en in 1634, Gerrit Dorlant; op 10 April 1633 Cia as Gerrits Dorlant; in 1633 Gerrit Jans Dorlant, gen. als Schepen; Juli 1639 vermeld Jan Gerrits Dorlant; in 1639 betaald aan Jan Martens Dorlant voor geleverde planken de somma van 100 gulden. Uit Boek L. 163 "Gaarcedulle en uitzetting van de ontgronding": 1657 - ontvangen van Bieraccijns van Maarten Dorreland. Uit de Protocollen van Kortenhoef:
Dirck Gerrits Dorlant 1639 Gedaagde; Ao 1636 Marten Jans Dorlant, Vader en Voogd over Jan Martsens Dorlant; Gerrit Jans Dorlant Ad 1624. Schepen in 1627; Ao 1641 Jan Lamberts Dorlant te Hilversum; Ao 1657 Maarten Jans Dorlant impotent genoemd en daarbij vermeld zijn Vrouw Maria Geertsdochter; Jan Maarten Dorland Ao 1655, 1657 en 1662; Annetje Dircks Dorlant 1665.
Uit Boek L. 17 ten Gemeentehuize te Kortenhoef; ,Nominatien van Regenten opgemaakt door Schout en Schepenen van Kortenhoef':
Fredrick Dircks Dorlant, 24-4-1687 Brandmeester van Kortenhoef.
Uit Boek L. 106 "Rekening en Cohier van Logiesgeld (Bier en Wijnaccijnsen) 1659-1690: Freeck Dirks Dorlandt Ao. 1686, 87, 88, 89, 92.
Deze laatste is de vader van Teunis Frecken Dorlant, die in 1698 huwt met Eert je Jacobs te Oud Loosdrecht. Zijn verdere zoons waren: Dirk Frecken en Vreeck Vrecken en nog is mij een dochter bekend, n.l. Grietje Vrecken Dorlant, vermeld bij de geboorte (doop) van mijn voormoeder Neeltje Teunis Dorland te Oud Loosdrecht op 6 okt. 1709.
Geen wonder dat de doop van deze voorn. gebroeders niet te Loosdrecht kon gevonden worden, want zij kwamen van Kortenhoef. (Zie artikel Dorlant, Gen Nostra, juli 1959).
Uit "Beschrijving he der Roetelen van den Torff Gheslaeghen tot Cortehoeff in de jare XVc vier ende tneghentich" 1594, 1595, 1596:
Jan Dorrelant 1594 (zie no. 1 van dit artikel). (Hij is de stamvader van de Kortenhoefse Dorlant's; Gerrit Jans Dorlant, genoemd van 16181635; Jan Gerrits Dorlant, genoemd van 1631-1642; Wouter Gerrits Dorlant (no. 4 in de stam reeks), 1632 300 roeden, 1634, 35, 1636 400 roeden, 1638300 roeden, 1640, 41, 42 (dit betrof dan de aanvraag om turf te baggeren); Claes Gerrits Dorlant, 1634; Dirck Gerrits Dorlant, 1653; Dirck Aris Dorlant (Dorrelant) 1645 200 roeden (hij is de Dirck Aerts Dorlant van Vrelant, gehuwd met Grietje Bruijns).
Uit ,Aantekeningen van Borgtogten voor de Veenlanden Slaeghturven" Ao 1682-1710 Kortenhoef: Gerrits Wouters Dorlant (hij is no. 5 in de stamreeks), versogt te mogen baggeren voor sijn brant, 8 roeden - 1 1 Juli 1693. (Na deze d~tum wordt hij niet meer genoemd). Daarvoor in 1685, 1686 en in 1689 12 roe voor sijn brant als Gerrit Wouters; Abraham Gerrits Dorlant (no. 6 in de stam reeks), versogt te mogen veenen 1698, 1710, enz., komt meermalen voor; Freeck Dircks Dorrelant 25 roeden 1690, 80 roeden 1691. (De zoon van Dirck Aerts en de vader van Teunis Dorlant te Oud Loosdrecht).
Boek no. 110 over kleinere ontvangsten consumptiegelden: Gerrit Jans Dorlant, 1618; Maarten Jans Dorlant, 1627; Wouter Gerrits Dorlant, 1630; Claes Gerrits Dorlant, 1632.

Hieruit zien wij, dat uit de oude boeken ten gemeentehuize van Kortenhoef wel iets valt te halen. Zelfs in Kortenhoef zien we de Dorlants reeds in de 16e eeuw vermeld. Met het artikel over het geslacht Dorlant van het julinummer 1959 van Gens Nostra, meen ik nu wel aannemelijk te hebben gemaakt, dat de Dorlant's van het aloude geslacht van Nijenrode afstammen. Moge er echter nog iemand zijn, die daar alsnog aan twijfelt, wel, hij of zij twijfele rustig verder, doch zij tevoren gewaarschuwd met het spreekwoord: "Wie teveel twijfelt, vertwijfelt".

Utrecht. Cath. van Renneslaan 22












DORLANT (naschrift) door E. VAN ALPHEN Az.

Dit naschrift dient om verschillende onzer leden nog eens van dienst te zijn, daar mij namelijk is gebleken, dat de belangstelling voor het geslacht Dorlant bij zeer velen bestaat. Op mijn 1e artikel "Dorlant" in "Gens Nostra", juli-aug. 1959, bleek mij reeds veel belangstelling, doch op mijn 2e artikel van aug-sept. 1960, ontving ik nog meer brieven; zelfs had een van onze leden van beide artikelen een samenvatting gemaakt, in de vorm van een uitgebreide kwartierstaat, ook met gebruik van een artikel van de heer Van der Steur.
Nu vermeldde ik in "Gens Nostra, aug.-sept. 1960, in het artikel Dorlant I, onder no. 3, aangaande Jan Gerrits Dorlant, dat deze vermoedelijk naar Amerika was vertrokken, over Amsterdam. Dan vermeldde ik daarbij, dat hij voorkwam in de oude Kortenhoefse Boeken van 1631-1642 en dat men dan niets meer over hem zag. Het vermoeden was onjuist, het twe?ede klopte wel, want in Boek 3412 R.A. Haarlem, wordt genoemd de wed. van Jan Gerrits Dorlant, t.W. Aaltje Jaspers geass. met haar zoon Gerrit Jans Dorlant, als haar gecorrigeerde voogd. Ao. 1660. Dus dit geeft aanleiding tot een nieuw vermoeden, dat die Amerikaanse Jan Gerrits Dorlant, een zoon zal zijn van de gen. Gerrit Jans Dorlant Jr.
Dan vond ik nog op het R.A. te Utrecht, de zgn. Sententien van Vreeland, van Ao. 1566. Om de twee bladzijden vindt men de naam Dorlant in dit boekje, t.W. Jan Jans Dorlant, die vaak als vertegenwoordiger optrad voor anderen. Dan nog Dirck Jans Dorlant, die ook wel aan zijn naam krijgt toegevoegd: "de jonge". Dat wijst duidelijk heen naar een "oude". In mijn te artikel noemde ik reeds als broeder van Geertruijt Gijsbrechts Dorlant, Dirck Ghijsberts Dorlant en wel op Allerheiligenavond van 1474. Dus die naam Dirck is niet zo vreemd. Ook wordt genoemde Dirck Jans Dorlant de jonge, ?e?enmaal genoemd ,.de eerwaarde" wat misschien heeft te beduiden dat hij niet zo jong meer was in 1566. Laten we aannemen dat hij werd geboren :t: 1500, dan is het best mogelijk, dat hij "de jonge" werd genoemd, met de herinnering aan Dirck Ghijsberts Dorlant, genoemd in 1474.

Dit is dus alles wat ik weet en moet u mededelen, dat ik heus niet meer gegevens bezit, daar ik nu alles heb beschreven. Voor de leden, die meer van mij vragen dan ik weet, zij vermeld, dat ik mijn onderzoek betreffende het geslacht Dorlant meer in de diepte heb gericht en niet in de breedte. Ik meen wel een schacht te hebben gegraven, een basis te hebben gelegd, van waaruit ieder die belangstelt in dit geslacht, kan beginnen. Toch houd ik mij aanbevolen, wanneer onze leden meer oudere gegevens vinden, mij hiervan te berichten, daar ik tegenwoordig wel wat ver van de gegevensbronnen woonachtig ben.

Bernhard Luninckstraat 4, Deventer











DORLANT
(antwoord op vraag CXXIII DORLAND in "Gens Nostra" mei 1959, p. 119)

Nog steeds komen er vragen bij mij binnen over het Geslacht Dorland, waarover ik reeds enige artikelen heb geschreven. Zelfs van Amerika bleek mij belangstelling te bestaan, daar ik ook vandaar enkele vragen toegezonden kreeg. Om vooral de Amerikaanse Dorlands enige belangwekkende gegevens te verstrekken, het volgende:

Volgens bovengenoemde vraag uit .Gens Nostra":
A. Lambert Janse Dorland, arriveerde 16 april 1663 met het schip "Bontekoe" van de W.I.C. te Nw. Amsterdam en huwde daar in 1665 met Hermina Janse Peters.

1. Jan Lamberts Dorlant, Ao 1641 vermeld in de Protocollen van Korten hoef, Hilversum. (Zie "Gens Nostra" aug/sept. 1960, p. 214).

2. Lambert Dorland.
In verband hiermede vermelden we hier de doop van Magdalena dr. van

3. Jan Martens en Jacobje Lambers, te Loenen, op 13 october 1611 gedoopt.


Dan zien we in 1627 optreden Johan Martens Dorlant, als man en Voogd van zijn vrouw Marritje Goijertsdochter; en in jan. 1631 in een boedelkwestie: Johan Jans Dorlandt en Magdalena Jans Dorlant zijn zuster, geassisteerd met Johan Martens Dorlant en Marrigje Goijertsdogter, egteluijden, hunlieder Vader en Moeder. (Zie "Gens Nostra juli/aug. 1959, p. 179-80).
Hier zien we duidelijk uitkomen de Magdalena ged. te Loenen op 13 okt. 1611, wier Moeder Jacobje Lambers heette.

Genoemde Jan Martens Dorland is ontwijfelbaar een zoon van Marten Jans Dorlant (genoemd in de
"Sententien van Vreeland van 1566-1570). Later is er in Kortenhoef sprake van Marten Jans Dorlant, herbergier aldaar Ao. 1657, broer van Gerrit Jans Dorland.

Zou het echtpaar I Jan Martens (Doriant) en Jacobje Lambers te Loenen, hierboven genoemd, niet de Overgrootouders kunnen zijn van Lambert Janse Dorland in 1663 in Amerika gearriveerd? Want het spoor van de "Christian name" Lambert, is hier wel klaar te vinden. Marrigje Goijertsdr. zou de tweede vrouw kunnen zijn en Jacobje Lambers, de eerste.

En nog als verdere gegeven: Trouwen te Amsterdam 25 sept. 1683, Hendrik Lambertz. Dorland, oud 22 jaar, Lakenwerker van Hilversum; met Marritje Joosten (Boek 511, p. 404 Gem. Arch. Amsterdam). hij geass, niet zijn broeder Lambert Lamberts Dorland. omstreeks 1660. Doopboeken uit die tijd van Hilversum zijn niet aanwezig; zij zijn verbrand in 1776. Dit houdt dus duidelijk in, dat er te Hilversum in 1660 of reeds eerder.; een Lambert Dorlant was, en toen reeds gehuwd. Deze zou een broer kunnen zijn van Jan Lammers Dorland, vermeld onder I, Ao. 1641. Doch hier gaan we tot gissingen over. E?en ding is echter zeker, dat de Dorlant's van Loenen, Kortenhoef, Vreeland en Breukelen van ?e?en geslacht zijn, aangezien het verband, (gezien de vele gegevens die ik bezit.

Tot hiertoe de gegevens die in mijn bezit zijn, waarmede ik meen weer een pin in de rots te hebben geslagen, waardoor we weer hoger kunnen klimmen.

E. VAN ALPEN, ?SAlpheim", Bern. Luninckstraat 4, Deventer.










CXXIII.DORLAND.

Wie kan inlichtingen verstrekken over het voorgeslacht van Lambert Janse Dorland, geboren in Holland (!) in 1639;.'407 Hij vertrok met het schip "Bontekoe" der W.l.C. naar Amerika en arriveerde 16-4-1663 te Nieuw Amsterdam. Hij huwde aldaar in 1665 met Hermina Janse Peters, Zij hadden vier kinderen: Gerrit, Marretje, Elsje en Jan.

In 1652 arriveerde een andere Hollandse emigrant: Jan Gerritse Dorland, geboren ongeveer 1629,

Beiden bekleedden reeds enige jaren na hun aankomst belangrijke functies te Brooklyn e.o. Er wordt aangenomen dat Lambert Janse en zijn neef Jan Gerritse DorJand geboren zijn in het Gooi of in deVechtstreek, in verband met de aldaar levende afstammelingen van Gijsbrecht Dorlandt (ongeveer 1370 na 1451), bastaardzoon van Gijsbrecht van Nijenrode. (Zie hiervoor genealogie Nijenrode door J. J. de Geer in de Berichten v. h. Hist. Genootschap te Utrecht deel 4 en 5).

A. G. v. n. STEUR, C. Francklaan 48, Heemstede 
Gerritje Dorland
 
40 Werkte eerst als arbeider bij zijn oom en is later meester in de rechten geworden. Was voorzitter van de Landsraad in Indonesi?e. Douwe Duursma
 
41 Was in 1838 gehuwd met Wernard van Deventer. Cornelia Elzendoorn
 
42 Was een natuurlijk kind.Volgens bevolkingsregister geboren 2-04-1807. Gegevens kloppen niet met de huwelijksakte. Volgens huwelijksakte Joannes Elzendoorn, volgens overlijdensakte Joannes Elsendoorn. Johannes Elzendoorn
 
43 Werd bij huwelijk van ouders erkend Gerardus Fokkinga
 
44 Grietje en Sytske waren een tweeling. Grietje Fokkinga
 
45 Grijtje en Meine waren een tweeling. Grijtje Fokkinga
 
46 Werkte eerst bij de paardentram. Jan Fokkinga
 
47 If you find a link, please contact me at vanderwal@telus.net Jaring Fokkes Fokkinga
 
48 1908 Augustinusga, notaris A.M. Harterink Inv. nr. 006099 repertoire nr. 4876 d.d. 10 juli 1908 Obligatie Betreft een kapitaal van fl. 100 - Roel Sytzes Fokkinga te Augustinusga als schuldenaar - Petrus Albert Gaeles Couperus te Augustinusga als schuldeiser


1885 Buitenpost, notaris G. de Jong Posthumus Inv. nr. 024079 repertoire nr. 90 d.d. 15 juni 1885 Koopakte Betreft de verkoop van een aandeel in een huis met erf en bouwland te Augustinusga, koopsom fl. 26 - Jan Klazes Vonk te Bergum als verkoper - Geert Postma te Twijzel als verkoper - Sytze Jannes Wobbes te Surhuisterveen als verkoper - Roel Sytzes Fokkinga te Augustinusga als koper 
Roel Fokkinga
 
49 Aangenomen als lidmaat te Harkema Opeinde op 30 mei 1774

1813 Buitenpost, notaris J. Romein Inv. nr. 024004 repertoire nr. 135-141 d.d. 8 april 1813 Attest, akte niet aanwezig - Andries Hylkes Henstra te Harkema Opeinde als attestant - Roel Fokkes Fokkinga te Harkema Opeinde als attestant

1814 Buitenpost, notaris J. Romein Inv. nr. 024005 repertoire nr. 96 d.d. 17 mei 1814 Koopakte Betreft de verkoop van grasland te Oostermeer, koopsom fl. 140 - Roel Fokkes Fokkinga te Harkema Opeinde als verkoper - Barolt Rienks de Boer te Rottevalle als koper


1817 Buitenpost, notaris J. Romein Inv. nr. 024008 repertoire nr. 148 d.d. 28 april 1817 Borgtocht - Roel Fokkes Fokkinga te Drogeham


1821 Buitenpost, notaris J. Romein Inv. nr. 024012 repertoire nr. 97 d.d. 26 april 1821 Obligatie - Roel Fokkes Fokkinga te Harkema Opeinde als debiteur; met zijn echtgenote - Maria Wibrandy te Buitenpost als crediteur 
Roel Fokes Fokkinga
 
50 If you find a link, please contact me at vanderwal@telus.net Roel Fokkes Fokkinga
 

      1 2 3 4 Volgende»